Koninklijke Harmonie "De Verenigde
Vrienden" van Moorslede

De keuze van een mondstuk

(voor koperblazers)

Hét gepaste mondstuk, dat is waar iedere trompettist of koperblazer van droomt, het maakt ons ook een beetje gek: we willen ons altijd verbeteren. We willen ook een mondstuk vinden waarmee we makkelijk in de hoogte raken, dat gemakkelijk aanspreekt en waarmee we een gouden toon kunnen produceren. Het is moeilijk om zó'n gepast mondstuk te vinden en mocht het niet zeker meer zijn: studeren, je lipspieren trainen en ademsteun produceren zijn nog altijd noodzakelijk. Één ding staat echter vast: iedereen heeft eigenlijk een ander mondstuk nodig, één dat aangepast is aan de anatomie van de lip, het is dan ook zo dat je zeker geen mondstuk moet kiezen omdat een ander persoon dat bepaalde mondstuk bespeelt.

Een mondstuk kiezen moet je bewust doen, je moet het mondstuk ook aanpassen aan de stijl waarin je speelt. Daarom is het wijselijk om soms uit de ervaring van anderen te leren en beroep te doen op een 'mondstukaanmeter'. Toch zal ik proberen je een beetje wijs te maken in de wereld van de trompetmondstukken (maar meestal geldt het voor alle koperinstrumenten). Gebruik deze informatie echter als handleiding bij het testen en niet als vervanging van het testen!

Wat elke koperblazer zou moeten weten:

mondstuktermen

(Vanaf hier gelden de (originele!) Vincent Bach mondstukken als standaard)

Een mondstuk bestaat (hoofdzakelijk) uit de rim, de cup, de throat en de backbore. In het Nederlands? De rim is de boord, rand; de cup is de beker, kelk of kom; de throat is de keel van het mondstuk en de backbore is de achterboring. Laten we toch de Engelse terminologie behouden ...
Als je een mondstuk kiest met een bepaalde configuratie (een brede rim, een diepe cup en een kleine throat) moet je er echt van bewust zijn wat de effecten van die eigenschappen zijn. Alles moet echter in balans zijn, veel hangt ook af welke boring je trompet heeft. Is het een Medium (M): 11,55mm; MediumLarge (ML): 11,66mm; een Large (L): 11,77mm of een ExtraLarge (XL): 12,07mm boring?

Rim:
Wijde rim (7 mm): vergroot de uithouding (aan een wijde rim moet je wél lang wennen!)
Smalle rim (5 mm): vergroot de flexibiliteit, het bereik
Afgeronde rim: verbetert het comfort
Scherpe rim: vergroot de glans van de klank en de precisie van een tongslag

Cup:
Grote cup: vergroot het klankvolume, controle
Kleine cup: verlicht het vermoeien, zwakheid
Diepe cup (14 mm): verdonkert, vervaagt, versombert de toon (vooral in het lage register)
Ondiepe cup (6 mm): verheldert de toon, verbetert de respons (vooral in het hoge register)

Throat:
Grote throat: vergroot de vrijheid van blazen, het volume, de klank; verscherpt het hoge register
Kleine throat: vergroot de weerstand, uithouding en glans; verflauwt het hoge register

Backbore:
De backbore is meestal standaard verbonden aan een bepaalde configuratie van rim-cup-throat. Een backbore definiëren is dus niet noodzakelijk maar deze is wel van invloed.

Het kan ook heel goed zijn om de mondstukkencatalogi van verscheidene gerenommeerde mondstukkenbouwers te raadplegen. Meestal worden in zo'n catalogus naast de pure technische kenmerken ook de speel- en klankkenmerken gegeven.

Hieronder zijn een paar online catalogi. Om de pdf-documenten te lezen heb je een pdf-reader nodig (bvb. Adobe).

Bach mondstukken

Denis Wick mondstukken

Schilke mondstukken

Stomvi mondstukken

Yamaha mondstukken

omhoog △